Skip to the content

Presteren familiebedrijven beter op de beurs?

Weet u wat de bedrijven Ford Motors, Lotus Bakeries, Nike en Walmart met elkaar gemeen hebben? Allen zijn het familiebedrijven. Maakt dit iets uit voor beleggers? Absoluut. In het algemeen denken familiaal geleide ondernemingen meer op de lange termijn, hebben ze een gezondere balans, zijn ze winstgevender en presteren ze beter op de beurs.

Beginnen doen we bij het begin. Wanneer mag er van een familiebedrijf gesproken worden? In het algemeen wordt deze term geplakt op ondernemingen waarvan de oprichter of zijn/haar nazaten minstens 20% van de aandelen of de stemrechten in handen hebben.

Family first. Het is een uitspraak die u regelmatig hoort. Het is dan ook logisch dat u doorgaans uw eigen familie verkiest boven iemand anders. Ook op ondernemingsvlak is dat niet anders. Eén van de grote moeilijkheden van beleggen is dat de belangen van u als aandeelhouder en het management niet altijd op eenzelfde lijn liggen. Eigenbelang primeert doorgaans bij het nemen van bedrijfsbeslissingen. Biedt het sponsoren van een wielerploeg wel écht toegevoegde waarde voor het bedrijf? Of doet de CEO dit voornamelijk omdat hij een grote wielerfan is?  Zijn de privéjets waar het management over beschikt wel écht nodig? Of is het vooral makkelijk voor hen om hun vakantieoord te bereiken? Het zijn kritische vragen die u zich kan en moet stellen. Bij Econopolis investeren we enkel in bedrijven met een goed deugdelijk bestuur. Een goede screening van het management en hun governance is cruciaal.

Hierin hebben familiebedrijven dan ook een streepje voor. Dit soort ondernemingen hebben doorgaans één doel: hun bedrijf groter, sterker en robuuster overdragen naar een volgende generatie. Hier profiteert u van mee als belegger aangezien de focus ligt op het creëren van aandeelhouderswaarde op de lange termijn. De belangen van het management en die van u als aandeelhouder lopen dus meer gelijk. Dat brengt allerlei voordelen met zich mee.

 

Hogere winstgevendheid en snellere groei

Dat langetermijndenken rendeert inzake ondernemerschap, wordt bewezen door harde cijfers. Zo toont een studie van Credit Suisse aan dat sinds 2006 de omzetgroei van familiebedrijven jaarlijks 2 procent hoger uitkwam dan die van andere ondernemingen.

Daarnaast zijn familiaal geleide bedrijven in het algemeen ook winstgevender.  Zo ligt het rendement op het geïnvesteerd vermogen (ROIC) beduidend hoger. Dat betekent concreet dat deze bedrijven meer winst weten te maken met het geld dat aandeelhouders hen toestoppen. Dit fenomeen wordt zowel in Europa, Azië als in Noord-Amerika waargenomen.

Gezondere balans

Een mooi rendement behalen zonder buitensporige risico’s te nemen. Dat is waar beleggen om draait. Ook voor ondernemers is dat zo. Kan u raden welke bedrijven het meeste schulden hebben? Familiale of niet-familiaal geleide ondernemingen? Juist. Bedrijven waarvan de oprichtende familie nog een beduidend belang in heeft financieren zich in het algemeen meer met interne middelen. Dat wordt in het jargon autofinanciering genoemd. Bedrijven gaan de winst die ze reeds geboekt hebben gebruiken om het te herinvesteren in zichzelf. Niet-familiaal geleide ondernemingen daarentegen doen vaker en meer beroep op schulden. U las in een vorig blogartikel al dat schulden als stropdas rond de nek van een bedrijf kunnen hangen in tijden van crisis. Hoe gezonder de balans, hoe gezonder het bedrijf. Het voorkomt toekomstige liquiditeits- en solvabiliteitsproblemen.

 

Beursprestaties

Er werd dus al gesproken over een betere langetermijnvisie, een gezondere balans en een hogere winstgevendheid en groei. De hamvraag is uiteraard of dit zich ook vertaalt in betere beursprestaties. Het hoeft niet te verbazen dat dit effectief het geval is. Zo concludeert Credit Suisse dat sinds 2006 familiebedrijven jaarlijks 3,70 procent beter presteerden dan niet-familiaal geleide ondernemingen. In Europa en Azië is er zelfs sprake van een jaarlijkse meerprestatie van maar liefst 4,70 procent. Dat is een wereld van verschil.

Ter illustratie: wie vandaag 1 miljoen euro belegt en gedurende de komende 20 jaar een rendement van 5% of 9,7% weet te behalen, zal op het einde van de rit over een vermogen van respectievelijk 2,7 miljoen EUR en 6,9 miljoen EUR beschikken. Een verschil van maar liefst 4,2 miljoen EUR.

Ook op het private equity landschap (niet-beursgenoteerde bedrijven) doen familiebedrijven het in het algemeen beter. Wederom geldt het principe: wat u met passie en voor uzelf doet, doet u meestal beter. Zo valt het bijvoorbeeld op dat er een duidelijk verschil waarneembaar is tussen het rijgedrag van de bestuurder van een bedrijfswagen, en iemand die zijn wagen zelf kocht. Zo veroorzaken bedrijfswagens beduidend meer ongevallen dan een identiek zelfde personenwagen (zelfde merk, vermogen, kleur, …)  die de bestuurder in kwestie zelf kocht. Dat kan u dus ook naar de beurs vertalen: hoe meer het management van zijn eigen bedrijf bezit, hoe groter de kans dat de focus zal liggen op het creëren van aandeelhouderswaarde op de lange termijn, en dus hoe beter voor u als aandeelhouder.

Bij Econopolis geloven we sterk in het belang van familiebedrijven. Ze maken een structureel onderdeel uit van onze activa allocatie. Zo beleggen we in enkele sterke beursgenoteerde familiebedrijven en bieden we onze professionele en institutionele klanten ook de mogelijkheid te beleggen in niet-genoteerde familiebedrijven (zie link voor meer info).

 

 

 

Pieter Slegers

Pieter Slegers

Pieter Slegers behaalde in 2020 een Master in de Handelswetenschappen (optie Financieel Management) aan de KU Leuven. In zijn master thesis deed hij onderzoek naar de performantie van kwantitatieve beleggingsstrategieën op de Europese aandelenmarkt. Tijdens zijn studies deed Pieter werkervaring op bij onder andere de private banking afdeling van BNP Paribas Fortis, BinckBank en Bolero. Verder kan u hem ook maandelijks terugvinden in het magazine Gids voor de Beste Belegger van het VFB. Sinds september 2020 vervoegde Pieter het team van Econopolis als Portfolio Analyst.