Skip to the content

Draghi’s laatste wapenfeit: meer van hetzelfde

"Nog één keer", moet Mario Draghi gedacht hebben. Ruim een maand voor zijn afscheid maakte de uittredende ECB-voorzitter donderdag zijn laatste wapenfeit bekend: een nieuwe ronde van stimuli om de vertragende Europese economie te ondersteunen. In het begin van zijn mandaat, juli 2012, sprak hij de gevleugelde woorden: “The ECB is ready to do whatever it takes…” Zeven jaar later kunnen we daar “… as long as it takes” aan toevoegen.

Lagere groei- en inflatieverwachtingen voor de eurozone

De groeiverwachtingen voor de eurozone werden opnieuw lager bijgesteld naar 1,1% voor 2019 (in juni: 1,2%) en naar 1,2% voor 2020 (in juni: 1,4%). Ook de inflatieverwachtingen namen een duik naar 1,2% in 2019 (in juni: 1,3%) en naar 1,0% (in juni: 1,4%). Het zijn kleine neerwaartse aanpassingen, en zeker geen dramatische cijfers. Draghi acht bovendien de kans op een Europese recessie klein, maar ze neemt wel toe, volgens hem. Hij wijst vooral naar de exportgerichte nijverheidssector die hevige hinder ondervindt van de handelsoorlog en een stijgend protectionisme. De constructie-en bouwsector blijven overigens wel een solide groei vertonen. Ook de arbeidsmarkt is in de meeste landen bijzonder krap waaruit loongroei voortvloeit. Deze loongroei stimuleert inflatie als de consument effectief meer uitgeeft.

De primaire doelstelling van de Europese Centrale Bank is nog steeds om een inflatiepercentage op middellange termijn lager dan, maar dichtbij 2% te realiseren. De inflatieverwachtingen vielen in de laatste kwartalen echter fors terug, wat de ECB aangrijpt om stimulerend op te treden. De huidige inflatie is echter niet alarmerend en beweegt rond het langetermijngemiddelde. Het ondersteunen van inflatie op de middellange termijn kan gebeuren door een stimulerend monetair beleid, een economisch expansief beleid en loongroei. Vooral naar de eerste twee factoren wordt gekeken om de inflatie opnieuw op peil te brengen. Maar ondertussen zijn ook de tarieven in de handelsoorlog én belastingsverhogingen om tekorten dicht te spijkeren potentieel inflatoir. Het echte probleem dat de ECB wil bestrijden ligt volgens ons dan ook elders: de euro bij elkaar houden, door schuldbeladen landen (vooral in het zuiden) soelaas te bieden.

 

Draghi’s laatste stimulusronde

Voor zijn afscheid grabbelt Mario Draghi dus nog even in zijn toolbox en toverde daar verschillende bijkomende stimuleringsmaatregelen uit. De ‘Deposit Facility Rate’ wordt verlaagd van -0,4% naar -0,5%. Dat is de rente waartegen financiële instellingen liquiditeiten bij de centrale bank kunnen plaatsen. De negatieve rente werkt penaliserend waarmee de ECB financiële instellingen tracht aan te zetten om deze liquiditeiten aan het werk te zetten in de economie. De negatieve rente, die al geruime tijd aanhoudt, ondermijnt en vormt een bedreiging voor het businessmodel van de banken. Als compensatie introduceert de ECB een tweedelig systeem waarbij een deel van de geplaatste tegoeden bij de ECB vrijgesteld zal worden van penalisering. Bovendien verlengt de ECB het derde Targeted Longer-Term Refinancing  Operations (TLTRO-III) van 2 jaar naar 3 jaar, waardoor financiële instellingen voor een langere tijd goedkoop kunnen financieren. Tenslotte initieert het een nieuwe ronde van kwantitatieve versoepeling (Quantitative Easing of ‘QE’) door het opkopen van obligaties. Voor een nog onbepaalde tijd pompt de ECB een maandelijks bedrag van € 20 miljard in de economie, bovenop de herinvestering van de aflopende obligaties uit het vorige QE-programma. Meer van hetzelfde dus. Europa is nog niet verlost van de lage rente.

Het is wel opmerkelijk dat Draghi deze maatregelen er moeilijk doorkreeg bij de ECB: zowel Frankrijk, Nederland als Duitsland stemden tegen. Dat is meer dan 50% van het bbp van de eurozone. Vooral de tegenstem van Frankrijk is belangrijk, want Lagarde is Frans, en men verwachtte geen enkele tegenstem van haar landgenoten. Het gemor bij de banken neemt ook toe.

 

Fiscale stimuli door overheden

Met het nieuwe QE-programma beëindigt Mario Draghi zijn mandaat met een uitgebreid stimuleringspakket, maar ook met een laatste cadeau aan de Zuid-Europese periferie. Voor de meer kredietwaardige landen van de eurozone stuiten we steeds meer op de limieten, terwijl er voor minder kredietwaardige overheidsobligaties wel nog ruimte is. Bijgevolg zullen zij het meeste profiteren van de nieuwe opkoopronde. (Na de persconferentie daalden vooral de rentes van laatstgenoemden, terwijl de anderen eerder constant bleven of zelfs stegen.)

Verder spoort de Italiaan de Europese overheden aan om de economie aan te vuren via fiscale stimuli. Hoewel de Club Med-landen (Italië, Spanje, Portugal, Frankrijk) + België te kampen hebben met torenhoge overheidsschulden en budgetaire tekorten, zijn er ook landen die ruimte hebben om de Europese economie te stimuleren door overheidsinvesteringen te verhogen. In Duitsland heerst de discussie om af te stappen van de restrictieve ‘Schwarze Null’ om de moeilijke economische omstandheden tegen te gaan.

Draghi wijst nu ook naar de overheden om het gecreëerde lagerentebeleid te valoriseren en de Europese economische vertraging te keren. Met Christine Lagarde betreedt alvast een ex-politica de hoogste positie van de centrale bank, maar zal aan het huidige monetaire beleid niet meteen veel veranderen.

 

De mening van Econopolis

Wij vinden dat de ECB te sterke en onorthodoxe, potentieel gevaarlijke, maatregelen neemt die vandaag te weinig gerechtvaardigd zijn door inflatie of groei. Tevens leidt dit onrechtstreeks tot het opblazen van prijzen, in vastgoed en andere activa. Onze positie in goud steeg verder. Maar Draghi zet de goede huisvader aan nog grotere risico’s te nemen. In deze omstandigheden zullen we verplicht worden om risico licht op te bouwen, wellicht via groeiaandelen. Ook goedkoper geprijsde inflatiegeïndexeerde obligaties zijn een interessante aanvulling.

Jeroen Kerstens

Jeroen Kerstens

Jeroen Kerstens behaalde de Master Toegepaste Economische Wetenschappen aan de Universiteit Antwerpen in juni 2015 waarna hij zich verder specialiseerde met een bijkomende Master of Finance aan de Antwerp Management School. Na een stage bij een Europese asset manager vervoegde Jeroen Econopolis in juli 2016. Hij beheert portefeuilles voor zowel private als institutionele klanten. Tevens is Jeroen lid van het Asset Allocatie Committee en het Investment Committee door als macro-econoom beide comités van een economische outlook te voorzien.

comments powered by Disqus